1. Home
  2.   MIRT 2011
  3.   3 Utrecht
  4. Visie

Visie

Utrecht doet het vanuit economisch perspectief goed. Zij heeft een hoog bruto regionaal product en is één van de snelste groeiers van Nederland. Economisch gezien levert Utrecht een belangrijke bijdrage aan de internationale concurrentiepositie van de Randstad. De verwachting is dat dit in de toekomst zo zal blijven aangezien de kennisintensieve en creatieve sectoren floreren. Daarnaast is Utrecht een centraal gelegen, goed bereikbare, aantrekkelijke regio met veel aantrekkelijke woonmilieus, bijzondere landschappen en culturele voorzieningen. Gevolg hiervan is een hoge druk op de ruimte.

Utrecht is zowel het kruispunt van verbindingen als het centrumgebied van Nederland. In fysieke zin is de provincie de draaischijf tussen aan de ene kant twee mainports en twee metropolitane regio’s (Amsterdam en Rotterdam / Den Haag) en aan de andere kant de rest van Nederland en een flink deel van het Europese achterland. Daarmee ligt er een aanzienlijke opgave voor de weginfrastructuur die wordt opgepakt met de projecten ‘de ring rond Utrecht’ (A2, A12, A27, Noordelijke Randweg Utrecht (NRU)) en ‘de driehoek’ (knooppunt Hoevelaken, A27/A1, A28). Daarnaast wordt het spoorsysteem aangepakt (PHS / Randstadspoor, Basisnet) en ligt er een opgave in het HOV-systeem in en om de stad Utrecht (onder meer via vertramming).

Aan de economische diversiteit in de Randstad levert Utrecht een belangrijke bijdrage met zijn kennisintensieve en creatieve sectoren die goed aansluiten bij wat er gebeurt in de Metropoolregio Amsterdam en in de regio Eindhoven. Bovendien is Utrecht sterk in zakelijke en financiële dienstverlening, wetenschappelijk onderzoek (life sciences) en in nieuwe ict-toepassingen zoals design en gaming. In Hilversum en het Gooi zetelen de omroepen en vele mediabedrijven. Een groot deel van de Utrechtse beroepsbevolking is hoog opgeleid, de universiteit is de grootste van Nederland en heeft een magneetfunctie voor veel studenten, kenniswerkers, culturele voorzieningen en andere instellingen.

Hét centrale vraagstuk in Utrecht is het vinden van een oplossing voor de spanning tussen twee waarden: ten eerste de behoefte aan een goede bereikbaarheid met ruimte om te wonen en te werken voor het nog steeds groeiend aantal huishoudens van de Utrechtse Noordvleugel en ten tweede de net zo dringende behoefte aan bescherming van natuur en landschap en duurzaamheid in de ruimtelijk-economische ontwikkeling.

De ruimtedruk op de provincie blijft in de toekomst het grootste ruimtelijke probleem en het antwoord daarop is verdichting en bundeling. Maar deze strategieën kunnen op gespannen voet komen te staan met de gewenste kwaliteit van de leefomgeving (klimaatverandering vraagt bijvoorbeeld om meer ruimte voor water en groen in de steden in verband met hittestress en wateroverlast). Voorkomen moet dus worden dat de eis van verdichting uitpakt als een relatieve verslechtering van de leefomgeving. Het is de gezamenlijke uitdaging voor rijk, provincie en gemeenten om zowel de economische groei te accommoderen als de kwaliteit van de leefomgeving te beschermen. Een onderling verbonden en verweven benadering van deze thema’s is onontkoombaar en cruciaal.

Zelfs als in Utrecht alle realistische en kwalitatief aanvaardbare mogelijkheden worden benut, zal er altijd grote druk blijven op de ruimte. De spanning kan worden verlaagd door te zoeken naar ‘intelligente’ vormen van interactie tussen thema’s, dus door bijvoorbeeld het mengen van functies en het aanvaardbaar maken van intensief ruimtegebruik door het bieden van hoge ruimtelijke kwaliteit. Kiezen blijft echter onvermijdelijk, al is het maar omdat er altijd grenzen zijn aan de ruimtelijke en financiële mogelijkheden.

Een aantal scherpe keuzen is reeds gemaakt, de belangrijkste is om hoge prioriteit te geven aan binnenstedelijk bouwen voor zowel wonen als werken. Ook is besloten de komende decennia 15.000 woningen van de Utrechtse en Gooise behoefte te bouwen in Almere. Er zal een oplossing gevonden moeten worden voor de groeiende verkeer- en vervoerstromen op de belangrijkste verkeersassen door Utrecht, en er moet zorg worden gedragen voor goede weg- en/of OV-verbindingen op de as Utrecht/Amersfoort -Almere aan de ene en de as Utrecht - Breda aan de andere kant. Een ander voorbeeld van een scherpe keuze is het besluit om Rijnenburg (een nieuw deel van de stad Utrecht ten zuidwesten van Oudenrijn) weliswaar te verstedelijken maar ‘slechts’ met 7000 woningen, zodat het groene en waterrijke karakter behouden blijft en het woningaanbod wordt uitgebreid aan de bovenkant van de markt. Ook is besloten om na 2015 in Amersfoort nog maar beperkt uit te breiden om het groen in de omgeving zoveel mogelijk te sparen. De principes van verdichting en transformatie worden zowel toegepast op woningbouw- als op bedrijvenlocaties.
Hergebruik van ruimte en verdichting zijn daarmee kernbegrippen van de gebiedsagenda Utrecht. Hieraan gekoppeld is de ambitie om op het gebied van openbaar vervoer (OV) een kwaliteitsverbetering te bereiken. Verdichting en OV-bereikbaarheid gaan daarmee hand in hand. Er moet worden geïnvesteerd in veel kleine projecten voor transformatie of verdichting omdat het aantal grote locaties heel beperkt is. Als één van die grote gebieden komt de A12-zone tussen Oudenrijn en Lunetten aan de orde. Dit is potentieel een grote transformatie- en verdichtingslocatie van Randstedelijk formaat, maar het is een bijzonder complex gebied en daarmee kostbaar qua ontwikkelingsmogelijkheden.

Veel van de bovenstaande opgaven zijn toe te delen aan specifieke gebieden binnen de provincie Utrecht, maar een aantal opgaven speelt in de hele provincie, of is zelfs provinciegrensoverschrijdend. Het gaat daarbij om de opgave om bedrijventerreinen intensiever te gebruiken én zorg te dragen voor een kwaliteitsverbetering. Dit speelt in alle delen van de provincie. Een tweede opgave betreft het omgaan met de wateropgave in het kader van het Deltaprogramma. In de provincie Utrecht gaat het daarbij voornamelijk om het omgaan met hogere rivierwaterstanden, de beschikbaarheid van zoetwater, het voorkomen van wateroverlast en het ontwikkelen van verstedelijking zonder verstorende effecten op de waterhuishouding.

Gracht
MIRT Projectenboek 2011

Hoofdmenu

Servicemenu